|
P
E R S B E R I C H T
Op
11 februari j.l. heeft het Dagelijks Bestuur van het stadsdeel
Zuid ons, de gebruikersvereniging die De Fabriek aan de
van Ostadestraat 233 in erfpacht heeft, meegedeeld ons pand
te willen slopen en aldus korte metten te maken met de woonwerkgemeenschap
die het pand al sinds de jaren '80 exploiteert als broedplaats
avant la lettre.
Dit
valt ons rauw op het dak: het doet geen recht aan de inzet
en de intenties waarmee er de afgelopen 2,5 jaar met het
stadsdeel is gewerkt aan ontwikkelingsplannen voor De Fabriek,
noch aan de perspectieven die daarin recentelijk zijn ontstaan.
Enkele
van deze plannen zijn recentelijk in een marktconsultatie
voorgelegd aan het deskundig oog van een aantal projectontwikkelaars.
Die waren kritisch over de voorgestelde plannen: ze achten
de financiële risico's te groot, waardoor één
of beide doelstellingen onder druk zou kunnen komen te staan:
enerzijds het behoud van de woonwerkgemeenschap in De Fabriek
als motor van culturele en sociale vernieuwing voor de buurt
en de stad, anderzijds het genereren van opbrengst voor
het stadsdeel ten behoeve van de dekking van tekorten bij
de ontwikkeling van het Archiefterrein.
Maar
tegelijkertijd kwamen twee van de drie geconsulteerde marktpartijen
onafhankelijk van elkaar met een alternatief scenario, dat
het realiseren van beide doelstellingen in hun ogen zonder
meer haalbaar maakt.
De gebruikers van De Fabriek hebben desgevraagd aangegeven
veel perspectief te zien in deze oplossing, en aangeboden
om binnen enkele maanden met een financiële en planmatige
onderbouwing daarvan te komen.
De
deelraad heeft in mei 2008 per motie precies deze opdracht
gegeven aan het DB: te streven naar een 'zo goed mogelijke
borging van de continuïteit van de woonwerkgemeenschap
voor, tijdens en na een eventuele ontwikkeling'. De martkconsultatie
geeft klip en klaar aan hoe dat gerealiseerd kan worden,
en het stadsdeel ook nog winst kan maken.
Wij vinden het onbestaanbaar dat het DB deze kans bij voorbaat
van tafel veegt. We kunnen ons dan ook niet voorstellen
dat de deelraad daar genoegen mee neemt.
Amsterdam, 17 februari 2011
Gebruikersvereniging Van Ostadestraat 233
ACHTERGROND
EN TOELICHTING
De
Fabriek is een voormalige drukkerij aan de Van Ostadestraat
in de Pijp. Het is vooral bekend als de locatie van het Ostadetheater,
maar herbergt daarnaast meerdere bedrijfjes, studio's en vrijwilligersprojecten,
en een vijftiental bewoners. Het pand wordt in eigen beheer
geÎxploiteerd door de gebruikers.
De
Fabriek maakt deel uit van een groep van 8 grote panden
die in de jaren '80 en '90 een erfpachtcontract sloten met
de gemeente en sindsdien een belangrijke rol hebben gespeeld
binnen de culturele infrastructuur van Amsterdam. Sinds
een aantal jaren zoeken deze panden naar een mogelijkheid
om hun tijdelijke erfpachtcontracten te verlengen om zodoende
deze functie te blijven vervullen voor de stad. (1)
Begin
2008 bleek het DB van het toenmalige stadsdeel Oud-Zuid
de huid echter al verkocht te hebben voordat de beer geschoten
was: met de centrale stad was er in 2007 een convenant gesloten
dat het stadsdeel toestond een eventuele winst op de grondexploitatie
van deze locatie te gebruiken ter dekking van verliezen
bij de ontwikkeling van het Archiefterrein. Dit onder het
voorwendsel dat de verhuizing van het Ostadetheater, dat
in De Fabriek is ontstaan en tot wasdom gekomen, naar het
Archiefterrein anders niet mogelijk zou zijn. Het DB verzuimde
daarbij de deelraad te vertellen dat De Fabriek uit meer
bestaat dan alleen het Ostadetheater, en dat wethouder Van
Poelgeest al in 2006 aan de stadsdelen voortzetting van
de erfpacht voor de 8 erfpachtpanden (w.o. De Fabriek) warm
had aanbevolen.
Hiermee
geconfronteerd nam de deelraad in mei 2008 in grote meerderheid
een motie aan die niet alleen de waarde van De Fabriek voor
het stadsdeel erkent, maar bovendien het DB de opdracht
meegaf om 'de continuïteit van de woonwerkgemeenschap
voor, tijdens en na eventuele ontwikkeling zo goed mogelijk
te borgen'. (2)
In
vervolg op deze motie is door onze vereniging (Gebruikersvereniging
Van Ostadestraat 233 - GVO) samen met het stadsdeel intensief
gezocht naar manieren om De Fabriek op dusdanige wijze te
ontwikkelen dat aan deze opdracht gestalte gegeven kon worden,
en tegelijkertijd opbrengst te genereren t.b.v. het Archiefterrein.
Het DB heeft er daarbij nooit doekjes om gewonden dat die
opbrengst wat haar betreft in de orde van grootte van 1,2
miljoen zou moeten uitkomen.
Gedurende
dit proces zijn door onze woonwerkgemeenschap keer op keer
gedurfde plannen ontwikkeld, (3)
waarvan de portee (nieuwbouw in combinatie met behoud van
een deel van het huidige pand) uiteindelijk door het DB
werd overgenomen in haar strategiebesluit van maart 2010.
Onderlegger daarvoor waren tekeningen die door Hein de Haan
op basis van een haalbaarheidsonderzoek zijn getekend, en
twee varianten daarop van de GVO.
Deze voorstellen zijn in september 2010 in een marktconsultatie
ter beoordeling voorgelegd aan een aantal deskundige ontwikkelaars.
Deze waren sceptisch over de voorgestelde plannen: ze achten
de kosten te hoog in relatie tot de afzetbaarheid en de
complexiteit van het project. Daarmee zou het realiseren
van één of beide doelstellingen (behoud woonwerkgemeenschap,
opbrengst) in gevaar kunnen komen.
Maar tegelijkertijd komen twee van de drie marktpartijen
onafhankelijk van elkaar met een alternatief scenario op
de proppen, waarin de nieuwbouw beperkt wordt tot de westvleugel
van het pand, het resterende deel van het pand opnieuw wordt
uitgegeven aan de GVO, en het stadsdeel bij de GVO compensatie
zoekt voor het verlies aan opbrengst als gevolg van het
geringere nieuwbouwprogramma. Beide ontwikkelaars achten
het behalen van beide doelstellingen in deze opzet ruimschoots
mogelijk.
In
haar concept notitie over de martkconsultatie ziet het DB
deze mogelijkheden ook, hoewel zij de risico's hoger inschat
dan de geraadpleegde ontwikkelaars. Overigens laat zij zich
niet uit over de aard en de omvang van de vermeende risico's.
De GVO heeft desgevraagd aangegeven de weg die dit scenario
schetst perspectiefvol te vinden, en er alles aan te willen
doen om de oorspronkelijke doelstellingen van de motie en
het daaruit voortvloeiende overleg met het stadsdeel langs
deze weg te realiseren. De GVO is optimistisch over de financiÎle
ruimte, en stelt voor om drie maanden in te ruimen om dat
optimisme te onderbouwen door middel van een ondernemingsplan.
Zodoende kunnen de werkelijke risico's in kaart worden gebracht
en voor zover nodig geminimaliseerd, terwijl er toch ruimte
is om vóór de zomer tot definitieve besluitvorming
te komen.
Desondanks
heeft het DB ons op vrijdag 11 februari meegedeeld dat zij
desondanks nu al besloten heeft om onverwijld aan te sturen
op sloop van het hele pand. De motivering die zij in het
persbericht naar buiten heeft gebracht is ronduit misleidend.
De inhoudelijke motivering die ons mondeling werd gegeven
is flinterdun, en steunt in zijn geheel op de vermeende
risico's. Aangezien deze niet openbaar zijn gemaakt, kunnen
wij die als GVO beoordelen noch wegnemen. Het DB wil ons
blijkbaar ook niet de kans geven om dat toch te proberen
door het (financieel en anderszins) onderbouwen van een
oplossing die zowel door ons als door de geraadpleegde ontwikkelaars
als realistisch wordt gezien.
Wij
vinden het onbestaanbaar dat, nu voor het eerst eigenlijk
in dit proces de reële kans opdoemt om de beide doelstellingen
waarvoor de deelraad aan het begin gekozen heeft te verwezenlijken,
het DB voorstelt die kans al bij voorbaat om zeep te helpen.
Dat doet geen recht aan de inzet waarmee betrokkenen in
het proces hebben geparticipeerd, noch aan de intenties
die de deelraad in haar motie heeft neergelegd.
GVO
(1) zie de notitie
8
Vrijplaatsen
(2) zie bijlage 1.
(3) zie onze brochures De
Nieuwe Fabriek en De
Nieuwe Fabriek/revisited
|